Reeds in het jaar 45 na Christus beschreef een onbekende schrijver
de kusten van wat hij noemde Azania, hij had het voornamelijk over
Rhapta, de voor hem laatste stad van het continent waar in grote
hoeveelheden ivoor en schildpadden schelpen werden verhandeld. Voor
deze schrijver was Azania het einde van de wereld.
Niet meer dan een eeuw later beschreef de astronoom en stichter
van de wetenschappelijke cartografie Ptolemeus van Alexandrië,
een gebied voorbij Rhapta dat blijkbaar bewoond werd door kannibalen.
Ptolomeus had het ook over een besneeuwde bergtop ver landinwaarts,
naar alle waarschijnlijkheid de Kilimanjaro.
Na de Grieken kwamen de Arabieren die tussen de zesde en zestiende
eeuw de plak zwaaiden over gans Oost-Afrika. Zij vestigden zich
voornamelijk op het eiland Zanzibar wat "Neger kust "
betekend. Het vasteland van Tanzania noemden ze dan weer het land
van Zinj.
Ook voor de Chinezen was het land van Zinj geen onbekende. Verschillende
overblijfsels van potten uit de Ming Dynastie zijn langs de kusten
van Tanzania teruggevonden.
Na de Arabieren bezetten de Portugezen gedurende 200 jaar het land
van Zinj ( Tanzania ) maar het was blijkbaar voor hun zeer moeilijk
om vanuit Portugal dit grote land goed te besturen. Hun greep op
het land van Zinj verzwakte en in 1699 werden ze verdreven door
de Arabieren.
Het duurde nog tot de negentiende eeuw voor men echt belangstelling
betoonde voor de hoogste berg van Afrika. Het was de Duitse missionaris
Rebmann die in 1848 als eerste Europeaan de Kilimanjaro zag en het
duurde nog tot 1889 eer deze prachtige berg voor het eerst werd
beklommen door de Duitse geoloog Hans Ludwig Meyer.
Miljoenen jaren geleden was het toenmalige vasteland erg onstabiel,
door de werking van enorme onderaardse krachten ontstonden breuken
en spleten in het aardoppervlak.
De vorming van de Kilimanjaro gebeurde zo een 750.000 jaar geleden
bij het ontstaan van drie grote vulkaanuitbarstingen, de Shira,
de Kibo en de Mawenzi.
De Shira doofde na een tijd en de Mawenzi volgde een aantal jaren
later. Vanaf dit moment begon de erosie haar werk te doen wat leidde
de getande pieken van de Mawenzi
De Kibo bleef nog tot 360.000 jaar geleden haar lava spuien waarvan
een deel aan de voet van de Mawenzi terecht kwam. Deze plaats noemen
we nu "het zadel".
De lava van de Kibo stroomde zowel in noordelijke als in zuidelijke
richting en bestond uit kleine zwarte ruitvormige cristallen, het
eigenaardige is wel dat die kleine kristallen samen grotere ruitvormige
kristallen hebben gevormd.
De uitbarstingen van de Kibo duurden tot 450.000 jaar geleden.
Gedurende gans die tijd bleef de berg maar groeien tot hij een hoogte
bereikte van 5.895m en hiermee de hoogste berg werd van het Afrikaanse
continent.
Bij een enorme grondverschuiving ontstond zo een 100.000 jaar geleden
de Kibo Barranco of Kibo Ravijn.
Bij de laatste hevige uitbarsting van de Kilimanjaro ontstond de
asput, de binnenste krater en de prachtig gevormde buitenste krater
van deze prachtige alleenstaande berg.
Honderden jaren terug leefden mensen in de nabijheid van de berg.
Het bewijs hiervan zijn de archeologische vondsten zoals ringen
en potten.
Er zijn 5 verschillende vegetatie zones, ieder van hun ligt +/-
1.000 m hoger dan de vorige.
De laagste zone ligt tussen 800 en 1.800m. Zij krijgt een overvloed
aan water tengevolge de neerslag die neerkomt op de hogere hellingen
van de Kilimanjaro. Dit gebied is dan ook zeer vruchtbaar.
De beboste berghellingen liggen tussen de 1.800m en 2.800m. Het
zijn de meest weelderige en vruchtbaarste bossen in dit bergachtig
gebied. 96% van de neerslag wordt door dit bos opgevangen en is
hierdoor dan ook de grootste waterreserve voor het Kilimanjarogebied.
Door de hevige zon ontstaat dan weer verdamping met nieuwe neerslag
als gevolg. Het is dan ook erg vochtig in deze bossen.
Vanaf 2.800 m t.e.m. 4.000 ligt de lage alpine zone die we nog
eens kunnen onderverdelen in een lager gedeelte begroeid met struiken
en een hoger gedeelte vooral begroeid met heidekruid en gras.
Boven de 3.000 m is vorst niet ongewoon wat ook duidelijk te merken
valt aan het verschil in begroeiing.
Tussen de 4.000m en 5.000m ligt het echte alpinegebied. De temperatuurverschillen
zijn hier erg hoog gaande een dagtemperatuur van +40°C tot een
nachttemperatuur die onder het vriespunt daalt. Planten hebben dan
ook alle moeite om in dit barre gebied te overleven. De uitzichten
zijn hier echter ongelooflijk mooi.
Eens boven de 5.000 m komen we in een arctisch gebied met hevige
zon gedurende de dag en vriestemperaturen gedurende de nacht.Van
plantengroei is hier geen sprake meer behalve enkele kleine bloemetjes
die overleven in de door de Kibo verwarmde spleten. Op deze plaats
wachten je de meest spectaculaire vergezichten van de wereld. De
met sneeuw bedekte de kraterrand en de top van de Kilimanjaro, daar
middenin de krater en de asput en om af te sluiten de grote noordelijke
immense gletsjer maken van deze top een beeld om nooit te vergeten
to top
De Meru-berg(4.566
m)
Met zijn 4.566m is de Meruberg de tweede hoogste berg van Tanzania
en bijna gelegen in de schaduw van de Kilimanjaro. Toch is deze
berg de moeite waard om te beklimmen. Het is kan o.a. een goede
hoogteaanpassing zijn als voorbereiding op de beklimming van de
Kilimanjaro. De lagergelegen hellingen van de Meruberg bestaan uit
vruchtbaar grasland afgewisseld met weelderige bossen. Eens boven
de boomgrens krijgt men te maken met de adembenemende spitse rotskegels
van de hoefvormige krater.
Zoals de meeste bergen in deze regio heeft de Meruberg zijn ontstaan
te danken aan vulkanische uitbarstingen bij het ontstaan van de
Oostafrikaanse slenk. De cirkelvormige wand van de krater werd verbroken
door verschillende ontploffingen die op zich de nu hoefijzervormige
trechter tot gevolg hebben. De Meruberg is een actieve vulkaan gezien
er tijdens de laatste 100 jaar verschillende uitbarstingen plaatsgrepen,
zij liggen o.a. aan de basis van het ontstaan van de askegel in
het midden van de krater.
De plaatselijke volkstam beschouwen deze berg als heilig en slachten
nog ieder jaar een stier of geit in de hoop voldoende neerslag te
krijgen voor hun velden. Al leeft de Warushastam sinds eeuwen in
dit gebied en zijn ze zeker doorgedrongen tot de vloer van de krater,
toch is het onwaarschijnlijk dat zij ooit de top van de Meruberg
hebben beklommen. Bijgeloof, weersomstandigheden en de effecten
van de grote hoogte zijn hoogstwaarschijnlijk de oorzaak.
De eerste Europeaan die het bestaan van de Meruberg rapporteerde
was de Duitse ontdekkingsreiziger Karl von der Decken. Later volgden
nog vele anderen. Over wie de eerste op de top stond bestaat twijfel
tussen Carl Uhlig in 1901 of Fritz Jeager in 1904.
Eind 1880 werd dit gebied toegevoegd tot het Duits Oost Afrikaans
gebied. In 1907 werd een gedeelte van de bossen ten oosten van de
berg door een Duitse kolonist ontbost en omgevormd tot landbouwgebied.
Een gedeelte werd voorbehouden als wildreserve.
In 1960 werd het gebied omgevormd tot het Ngurdoto Crater National
Park of het Arusha Nationaal Park. De boerderij maakte van dat moment
deel uit van het nationaal park.
to top