De Kilimanjaro (5.895 m)

Reeds in het jaar 45 na Christus beschreef een onbekende schrijver de kusten van wat hij noemde Azania, hij had het voornamelijk over Rhapta, de voor hem laatste stad van het continent waar in grote hoeveelheden ivoor en schildpadden schelpen werden verhandeld. Voor deze schrijver was Azania het einde van de wereld.

Niet meer dan een eeuw later beschreef de astronoom en stichter van de wetenschappelijke cartografie Ptolemeus van Alexandrië, een gebied voorbij Rhapta dat blijkbaar bewoond werd door kannibalen. Ptolomeus had het ook over een besneeuwde bergtop ver landinwaarts, naar alle waarschijnlijkheid de Kilimanjaro.

Na de Grieken kwamen de Arabieren die tussen de zesde en zestiende eeuw de plak zwaaiden over gans Oost-Afrika. Zij vestigden zich voornamelijk op het eiland Zanzibar wat "Neger kust " betekend. Het vasteland van Tanzania noemden ze dan weer het land van Zinj.

Ook voor de Chinezen was het land van Zinj geen onbekende. Verschillende overblijfsels van potten uit de Ming Dynastie zijn langs de kusten van Tanzania teruggevonden.

Na de Arabieren bezetten de Portugezen gedurende 200 jaar het land van Zinj ( Tanzania ) maar het was blijkbaar voor hun zeer moeilijk om vanuit Portugal dit grote land goed te besturen. Hun greep op het land van Zinj verzwakte en in 1699 werden ze verdreven door de Arabieren.

Het duurde nog tot de negentiende eeuw voor men echt belangstelling betoonde voor de hoogste berg van Afrika. Het was de Duitse missionaris Rebmann die in 1848 als eerste Europeaan de Kilimanjaro zag en het duurde nog tot 1889 eer deze prachtige berg voor het eerst werd beklommen door de Duitse geoloog Hans Ludwig Meyer.

Miljoenen jaren geleden was het toenmalige vasteland erg onstabiel, door de werking van enorme onderaardse krachten ontstonden breuken en spleten in het aardoppervlak.

De vorming van de Kilimanjaro gebeurde zo een 750.000 jaar geleden bij het ontstaan van drie grote vulkaanuitbarstingen, de Shira, de Kibo en de Mawenzi.

De Shira doofde na een tijd en de Mawenzi volgde een aantal jaren later. Vanaf dit moment begon de erosie haar werk te doen wat leidde de getande pieken van de Mawenzi

De Kibo bleef nog tot 360.000 jaar geleden haar lava spuien waarvan een deel aan de voet van de Mawenzi terecht kwam. Deze plaats noemen we nu "het zadel".

De lava van de Kibo stroomde zowel in noordelijke als in zuidelijke richting en bestond uit kleine zwarte ruitvormige cristallen, het eigenaardige is wel dat die kleine kristallen samen grotere ruitvormige kristallen hebben gevormd.

De uitbarstingen van de Kibo duurden tot 450.000 jaar geleden. Gedurende gans die tijd bleef de berg maar groeien tot hij een hoogte bereikte van 5.895m en hiermee de hoogste berg werd van het Afrikaanse continent.

Bij een enorme grondverschuiving ontstond zo een 100.000 jaar geleden de Kibo Barranco of Kibo Ravijn.

Bij de laatste hevige uitbarsting van de Kilimanjaro ontstond de asput, de binnenste krater en de prachtig gevormde buitenste krater van deze prachtige alleenstaande berg.

Honderden jaren terug leefden mensen in de nabijheid van de berg. Het bewijs hiervan zijn de archeologische vondsten zoals ringen en potten.

Er zijn 5 verschillende vegetatie zones, ieder van hun ligt +/- 1.000 m hoger dan de vorige.

De laagste zone ligt tussen 800 en 1.800m. Zij krijgt een overvloed aan water tengevolge de neerslag die neerkomt op de hogere hellingen van de Kilimanjaro. Dit gebied is dan ook zeer vruchtbaar.

De beboste berghellingen liggen tussen de 1.800m en 2.800m. Het zijn de meest weelderige en vruchtbaarste bossen in dit bergachtig gebied. 96% van de neerslag wordt door dit bos opgevangen en is hierdoor dan ook de grootste waterreserve voor het Kilimanjarogebied. Door de hevige zon ontstaat dan weer verdamping met nieuwe neerslag als gevolg. Het is dan ook erg vochtig in deze bossen.

Vanaf 2.800 m t.e.m. 4.000 ligt de lage alpine zone die we nog eens kunnen onderverdelen in een lager gedeelte begroeid met struiken en een hoger gedeelte vooral begroeid met heidekruid en gras.

Boven de 3.000 m is vorst niet ongewoon wat ook duidelijk te merken valt aan het verschil in begroeiing.

Tussen de 4.000m en 5.000m ligt het echte alpinegebied. De temperatuurverschillen zijn hier erg hoog gaande een dagtemperatuur van +40°C tot een nachttemperatuur die onder het vriespunt daalt. Planten hebben dan ook alle moeite om in dit barre gebied te overleven. De uitzichten zijn hier echter ongelooflijk mooi.

Eens boven de 5.000 m komen we in een arctisch gebied met hevige zon gedurende de dag en vriestemperaturen gedurende de nacht.Van plantengroei is hier geen sprake meer behalve enkele kleine bloemetjes die overleven in de door de Kibo verwarmde spleten. Op deze plaats wachten je de meest spectaculaire vergezichten van de wereld. De met sneeuw bedekte de kraterrand en de top van de Kilimanjaro, daar middenin de krater en de asput en om af te sluiten de grote noordelijke immense gletsjer maken van deze top een beeld om nooit te vergeten

to top

De Meru-berg(4.566 m)

Met zijn 4.566m is de Meruberg de tweede hoogste berg van Tanzania en bijna gelegen in de schaduw van de Kilimanjaro. Toch is deze berg de moeite waard om te beklimmen. Het is kan o.a. een goede hoogteaanpassing zijn als voorbereiding op de beklimming van de Kilimanjaro. De lagergelegen hellingen van de Meruberg bestaan uit vruchtbaar grasland afgewisseld met weelderige bossen. Eens boven de boomgrens krijgt men te maken met de adembenemende spitse rotskegels van de hoefvormige krater.

Zoals de meeste bergen in deze regio heeft de Meruberg zijn ontstaan te danken aan vulkanische uitbarstingen bij het ontstaan van de Oostafrikaanse slenk. De cirkelvormige wand van de krater werd verbroken door verschillende ontploffingen die op zich de nu hoefijzervormige trechter tot gevolg hebben. De Meruberg is een actieve vulkaan gezien er tijdens de laatste 100 jaar verschillende uitbarstingen plaatsgrepen, zij liggen o.a. aan de basis van het ontstaan van de askegel in het midden van de krater.

De plaatselijke volkstam beschouwen deze berg als heilig en slachten nog ieder jaar een stier of geit in de hoop voldoende neerslag te krijgen voor hun velden. Al leeft de Warushastam sinds eeuwen in dit gebied en zijn ze zeker doorgedrongen tot de vloer van de krater, toch is het onwaarschijnlijk dat zij ooit de top van de Meruberg hebben beklommen. Bijgeloof, weersomstandigheden en de effecten van de grote hoogte zijn hoogstwaarschijnlijk de oorzaak.

De eerste Europeaan die het bestaan van de Meruberg rapporteerde was de Duitse ontdekkingsreiziger Karl von der Decken. Later volgden nog vele anderen. Over wie de eerste op de top stond bestaat twijfel tussen Carl Uhlig in 1901 of Fritz Jeager in 1904.

Eind 1880 werd dit gebied toegevoegd tot het Duits Oost Afrikaans gebied. In 1907 werd een gedeelte van de bossen ten oosten van de berg door een Duitse kolonist ontbost en omgevormd tot landbouwgebied. Een gedeelte werd voorbehouden als wildreserve.

In 1960 werd het gebied omgevormd tot het Ngurdoto Crater National Park of het Arusha Nationaal Park. De boerderij maakte van dat moment deel uit van het nationaal park.

to top